Open sollicitatie aan Greenpeace

Voor wie er oren naar heeft,

Onlangs stuitte ik in een online-tijdschrift voor reclamevakmensen op een advertentie waarin u op zoek bent naar een creatieve ‘aanpakker’ die Greenpeace Nederland komt helpen met het werven van supporters en donateurs.
Ik ben een veelzijdige zzp’er en juich het werk van Greenpeace meestal toe. Het lijkt mij een heel mooie uitdaging, de gevestigde NGO te gaan ondersteunen met het ontwikkelen, testen en uitvoeren van online en mobiele campagnes, het werken aan nieuwe innovatieve wervingstechnieken, een bijdrage leveren aan optimalisering van de huidige e-mailtrajecten, en meedenken over de strategie en helpen met AdWords-campagnes.

Ik ben digital minded, zie overzie waar de online-wereld naartoe gaat. Ik heb een Master filosofie en Technische Informatica, en heb een proefschrift geschreven met het onderwerp “Vrijheid en verantwoordelijkheid“. Ik heb geruime ervaring als tekstschrijver/vertaler in de reclamewereld, alsmede kennis van SEO en SEA, Web Design, sociale media, en zoals boven vermeld een sterke affiniteit met Greenpeace. Ik ben communicatief vaardig, initiatiefrijk, resultaat- en klantgericht, en beheers de Nederlandse, Engelse en Duitse taal in woord en geschrift.

Er is echter een probleem. Het gaat om een baan op locatie, en ik kan om familiaire redenen niet in Amsterdam wonen. Ik ben als zzp’er vorig jaar naar centraal Portugal verhuisd en werk daar tot volle tevredenheid van mijn klanten.

Deze klanten zijn meestal commerciële instellingen, en die besparen graag op vaste contracten wanneer een zzp’er het werk net zo goed kan doen. Ik kan me niet goed met deze organisaties (banken, chemiereuzen, hotelketens) identificeren, en verlang zodoende naar zinvoller werk.

Ik heb de functie-eisen doorgenomen en deze zijn allemaal van achter een computerscherm – dat zich waar ook ter wereld bevind – uit te voeren. Ik woon in een handige tijdzone en zit nooit op de weg – dus ik ben beter bereikbaar dan een forens die in de file staat (of in het vliegtuig naar Luxemburg zit grapje moetkunnen CharlieHebdo).

Ik zou dolgraag willen meedenken, teksten willen schrijven, SEO en online-campagnes willen vlottrekken, een App willen ontwikkelen, willen meedenken over de IT-infrastructuur; in eerste instantie zelfs voor de eer iets voor Greenpeace te mogen doen, totdat u hopelijk besluit, vaker van mijn brein gebruik te willen maken. Wat de betaling betreft doe ik dan ook niet moeilijk (ik heb voldoende andere cliënten).

Het inhuren van een zzp’er zoals mijzelf heeft bijkomende voordelen:
1) Greenpeace kan zo haar kosten beter rechtvaardigen naar haar donateurs toe. Deze weten dat er iemand wordt betaald voor wat hij daadwerkelijk levert, en niet om op kantoor te zitten.
2) Ik woon en werk in Portugal in een duurzame omgeving: off-the-grid middels zonnepanelen, permacultuur, vegetarisch, hergebruik van grondstoffen, en delen van “bezit”.

In feite ben ik dus al begonnen met meedenken, en zou Greenpeace willen adviseren gebruik te maken van een dynamische pool zzp’ers, die door hun enthousiaste participatie in locale ecologische projecten bovendien het gezicht van de organisatie kunnen zijn wanneer het gaat om het werken aan een duurzame toekomst.

Met hartelijke groeten teken ik,

Kamiel M. Choi

services. creativechoice.org
c.v.

Delen:

Origineel op komrijm.creativechoice.org

Advertenties

Zonder filosofie kunnen

Vandaag las ik een column in Trouw van Bert Keizer, filosoof en verpleeghuisarts. Hij zet zich, terecht, in tegen het kleineren en verkleinen van de filosofiefaculteiten van enige Nederlandse universiteiten. Maar vervolgens veegt hij in zijn stuk de vloer aan met de standaardapologie van de filosofie sinds Aristoteles, en met Martha Nussbaum, die zonder enige empirische onderbouwing beweert dat filosofie belangrijk is “omdat het de burger vormt”. Maar het overgrote merendeel van de burgers weet niet wie Kant, Hegel, of Wittgenstein nou precies waren, of “wat Nietzsche bedoelt wanneer hij zegt dat het Christendom Plato voor het volk is”. Uit het gegeven dat slechts een zeer kleine minderheid over “filosofische” feitenkennis beschikt, leidt Keizer af dat de maatschappij best wel zonder filosofie kan. Hij zegt erbij, dat er natuurlijk wél gedacht moet worden, maar dat je ook niet-filosofisch pienter genoeg kunt zijn. De reden waarom we de filosofiefaculteiten toch niet moeten opheffen is dan iets kneuterigs: ze helpen ons mooie gedachten, het liefst in twitterformaat, in ere te houden en door te geven.

Wat mij vooral opvalt is het beperkte begrip van filosofie. Het wordt gereduceerd tot feitenkennis. Vraag aan Wittgenstein of Carnap wat Nietzsche nu precies bedoelde, en het is nog maar de vraag of ze dat weten. Natuurlijk gaat het in de filosofie niet om name dropping (hoewel het juist daar het vaakst voorkomt). Het gaat om zelfstandig kritisch leren denken, om de cultuur van in-vraag-stellen, van het nadenken over Grundlagen die noodzakelijk voor iedere wetenschap, van wiskunde tot biologie tot economie tot geneeskunde. Wanneer we denken dat die grondlagen er al zijn (in de vorm van bijvoorbeeld Darwinisme, vrije markteconomie, of quantummechanica) en dat de disciplines er niets aan hebben wanneer oude debatten over hun fundament worden opgerakeld tot aan het einde der tijden, vergeten we iets.

We vergeten het kinderlijk-naïeve vragen, de gezonde achterdocht bij ieder dogma, de kritisch-filosofische houding, terwijl juist die zo ontzettend belangrijk is. Daar zou de columnist het vermoedelijk wel mee eens zijn. Maar betekent het niet ook dat de filosofiefaculteit een concreter doel heeft dan het levend houden van kippenvelinzichten, “dat we om ons heen kunnen kijken”? Ik vrees namelijk dat wanneer we haar zo begrijpen, dat we haar dan alsnog moeten opdoeken wanneer blijkt dat een cineast dat schitterende “filosofische gevoel” beter kan overbrengen. De filosofie moet niet vervallen in feelgood aforismen, maar de allerfundamenteelste dingen blijven bevragen, eindeloos door blijven debatteren en haar opponenten een glaasje water inschenken wanneer deze dreigen te verdrogen.

En wanneer iemand dan toch liever kiest voor een studie natuurkunde, geschiedenis, of medicijnen, heeft ze tenminste een helder begrip van wat ze níet studeert.

Delen:

Origineel op komrijm.creativechoice.org

#JeSuisCharlie

Vanuit mijn hier zelf aangemeten rol als soms liederlijk en soms satirisch po-eet richt ik het woord tot – ja tot wie? We hebben allemaal de spontane demonstraties gezien in Parijs, Nantes en de niet mis te verstane bewoordingen van onze politici klinken nog na in onze trommelvliezen als we moeten beslissen of we teneergeslagen moeten zijn, met elkaar handjes moeten vasthouden, of de profeet (die met die ongewassen baard) nog eens goed grafisch belachelijk moeten maken.

Er is weer eens een aanslag gepleegd. Een laffe, gore, professionele aanslag – een mini-oorlog midden in het hart van Europa. En dat hart slaat al zo gevaarlijk rechts.

De daders leken eerst te zijn ontsnapt, en dat maakt het extra griezelig. Ze kunnen zo weer ergens anders opduiken met hun automatische wapens. Er zijn 1001 manieren om de Qu’Ran te lezen, en dan kunnen de verzen ook nog worden verdraaid. Ieder bordeel, kerk, synagoge, rente verlangend instituut, drankhandel, of badmodezaak moet dan vrezen dat er ieder moment zwaar gewapende kerels met bivakmutsen op naar binnen stormen om zoveel mogelijk mensen af te slachten.

En dat willen we graag voorkomen. Door massaal de straat op te gaan. Door te roepen wat we het liefst roepen. Ziejenuwel of Pasopvoorracisme of Klotemoslims of wat dan ook. Deze verse gruwelijke aanslag zal onze fundamentele mening waarschijnlijk niet veranderen. Maar zoiets werkt wel als een catalysator, het zorgt dat we voor onze sentimenten uitkomen.

Gelukkig is het overheersende sentiment tijdens de spontane protestacties solidariteit. Moslimorganisaties hebben geschokt gereageerd, journalisten maken massaal selfies met “Je suis Charlie”, er is niemand die iets voor censuur lijkt te voelen. De geest van Voltaire is springlevend. En wat zei die ook alweer?

« je ne suis pas d’accord avec ce que vous dites, mais je me battrai jusqu’au bout pour que vous puissiez le dire »

(Natuurlijk zei hij dat niet echt, maar werd het hem in de mond gelegd. We blijven kritisch.)

Tot de dood vechten voor de vrijheid van meningsuiting. En wat gaan wij doen? Met een bomgordel om haal je niets uit tegen de onderdrukking van die vrijheid. Het vrije woord verliest altijd wanneer er tongen worden afgesneden. Nee, wij gaan door met goede satire. Dus ga nou niet Allah tekenen met een hele dikke piemel en een hele jonge bruid, maar maak dáár juist een cartoon over. Teken iemand die over de schouder van zo’n simplistische tekenaar kijkt en zegt “Als we die vrijheid van meningsuiting eens niet hadden.”

Delen:

Origineel op komrijm.creativechoice.org

De rups

Vlinder worden was een van zijn grote dromen
dus hij droomde hem wanneer hij kon
als dromer was hij stoer en niet te stoppen
vloog hij zo gracieus tussen de hoogste bomen
dat hij vergat zich als vlinder te ontpoppen
– en nu ligt hij te rotten in zijn cocon

Delen:

Origineel op komrijm.creativechoice.org

De behaagzieke

Hij lacht onderdanig, en zit aldoor te knikken
tijdens discussies krijgt hij het doodsbenauwd
hij zal al zijn bezwaren steeds in blijven slikken
want behagen, dat doe je uit lijfsbehoud

Hij loopt achter zijn idool aan door de gang
als een kwispelend hondje zonder revier
hij mompelt stemmig myxolydisch lofgezang
met een dun mondje om kwart over vier

Soms is hij opstandig en verft hij zijn haar groen
of hij gaat inees van die strakke broeken dragen
men vraagt zich dan af waarom zou hij dat doen?
waarom? wanneer het niet is om zichzelf te behagen.

Delen:

Origineel op komrijm.creativechoice.org