Lijden voor de kunst

Luistert u ook eens naar dit artiestenlied van de dichter Martijn Benders

Elke kwelling is een gunst, want je moet lijden voor de kunst.

Flattr this!

Lijden voor de kunst werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Advertenties

Recensie: Na het paringsritueel van Willem Thies

Na het paringsritueel opent met een pagina waarop staat ‘Leefden wij als de dieren’. Een paar bladzijdes verderop staat het titelgedicht.

Maar na het paringsritueel / gingen lezer en schrijver huiswaarts, ieder, terwijl de reptielen / op het droge kropen.

De aan land kruipende reptielen staan hier voor de menswording en de mytische scheiding van man en vrouw, die hier herhaald wordt in de scheiding tussen schrijver en lezer. De mens noemt hij “een parodie op het dier”. “Leefden wij als de dieren, / wij hadden een doel en seizoen.”

Laat ons radicaal
lichamelijk zijn.

Over het eigen lichaam:

zonder dit lichaam van mij, te ruim
en vijandig, dit lichaam dat mij belaagt.

Elders in de bundel staat::

mijn litteken is mijn sieraad.¹

We komen in deze bundel echter ook een waanzinnig mooie vrouw tegen; de dichter beschrijft haar als ‘van vogels gemaakt’ of als ‘witgenagelde hyacint’. Er is een pagina waarop staat ‘Iedereen weet dat zij waanzinnig is’ en na die pagina komen een aantal gedichten die ik erotisch zou willen noemen. Het lichamelijke is dus niet alleen vijandig maar ook de grootste troost, onze beste kans om ‘doel en seizoen’ te krijgen, om onszelf niet te verteren in eindeloze reflecties.

Maar de bundel is meer dan een ode aan de dierlijkheid en onze bekomernissen met het lichamelijke sinds we meer dan alleen dieren zijn. In de gedichten ‘veiligheidskooi’ gaat het over de futiele pogingen om onszelf te beschermen. Hier is Thies ook grappig:

Een technicus van de Volkswagenfabriek in het Duitse Kassel
is in een veiligheidskooi gedood door een robot. De robot raakte
hem in de borststreek en drukte hem tegen een metalen plaat.
Het contract van de robot is beëindigd.

Er is ook een ready-made procesverbaal in de bundel opgenomen. Dat vermeld ik er even bij.

De struggle met de lichamelijkheid leidt enigszins voorspelbaar tot de metaforiek van de eigenlijkheid. In het titelgedicht komt schmink voor, en ergens in de bundel spoelt een actrice bloed van haar gezicht om terug te keren tot haar ware zelf. De vraag naar de eigenlijkheid in de pulserende wirwar van subjectloze lusten mondt natuurlijk uit in beschouwingen over de dood. In het mooie gedicht Tocht komt magere Hein voor, maakt hij zijn opwachting met een aantal sterke begeleidende metaforen: licht druipt van de struiken. regen is winterzeekoud. een zwaan steekt zijn kop in een gat in het water. Prachtig is ook het In Memoriam voor de eerder in 2018 overleden Menno Wigman, waarvan ik de regel “Scherven voegden zich samen tot een glas in je hand” subliem wil noemen.

Wanneer er met lichamelijkheid wordt geworsteld, dienen wij ons in onze Leitkultur af te vragen: is dit een christelijke bundel? Er komt een kruis-gedicht in voor. Maar dat kruisbeeld draagt ‘een’ Christus, niet de Christus. Het dient vooral als uitkijkpost voor een kraai. Het gaat over een beeldhouwer die alleen in zijn hoofd schept en koolzaadvelden die zo mooi geel zijn dat de zon teleurstelt. Het christelijke verhaal wordt hier ingeruild door een esthetische belofte. Dit komt ook tot uitdrukking in zijn vertaling van Sinnerman. In Thies’ vertaling zoekt de zondaarman een plek om te schuilen, maar vindt deze niet in de bergen of de zee. We zijn allemaal zondaarman, maar de oplossing is niet christelijk. We moeten naar voren blijven vluchten, een uitkijkpost vinden, een kruis desnoods, en daar de troost vinden die dit leven nog te bieden heeft. Bovenop de geschiedenis van de menselijke cultuur klauteren, hoger en hoger, tot de vergezichten geler en stiller worden. Dichter bij de dierlijkheid komen we niet.

****

Na het paringsritueel is een veelzijdige en persoonlijke bundel waarin afscheid en dood (onder andere van de dichters Rogi Wieg en Menno Wigman, en de broer van een goede vriend van de auteur) een centrale rol spelen. Een haat-liefdeverhouding met lichamelijkheid wordt met enkele zeer rake metaforen uitgewerkt. Ik kon niet met alle gedichten ‘iets aanvangen’ zoals men zegt, maar dat hoeft ook niet de bedoeling te zijn. Er zaten genoeg verzen tussen die me kunnen bekoren. Ondanks de laatste zin (spoiler alert) “zijn stem kruipt stukje bij beetje terug” las ik geen morbide dichtbundel, maar een vloeiend en levendig geheel dat slordig met hoop strooit.

In het korte doch krachtige gedicht “Duik” offert iemand zich op voor de muziek, lijkt het.

¹ Een eerdere versie bevatte op deze plek, tot milde beschaming van de auteur, de Freudiaanse spelfout “liDteken”. In deze versie is dat weer verhuld.

Recensie: Na het paringsritueel van Willem Thies werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

prehistorie

Ik loop in een historisch straatje op een eiland in Korea,
waar ooit een beroemde schilder heeft gewoond
Wanneer ik nu iets beleef is het morgen al een oude herinnering
en loop ik overmorgen, als vroeger, in datzelfde straatje
Hoe langer ik leef, hoe sneller alles lang geleden wordt
zo beweeg ik me toe op de stamelende reconstructie
van een prehistorie, die weer los van mij staat

Flattr this!

prehistorie werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

gedicht over vergankelijkheid ontdekt

Soms kom ik gedichten tegen op het internet die om bekoren zonder dat ik precies begrijp waarom. Onderstaand voorbeeld is van Tomas Lieske, en geroofd van de website gedichten.nl.

Ik vond het mooi en wilde het daarom mijn trouwe blogvolgers niet onthouden.

Oud

als vlinders in hars is mijn schilder
een mummel die niet meer uit zijn kleuren
komt, een slome, uit de rails gelopen.
Een knakker die gebroken, versplinterd,
er aan toe is in de open haard op te gaan.
Een ladder, afgekeurd door de inspectie,
die nu tussen het kleefkruid ligt,
onzichtbaar in de achtertuin. Soms
zitten er kraaien, af en toe vallen rupsen
uit de boom, jong verschrompeld. Ze ploffen
met een droog geluid op de ladder.
Soms valt er warme regen, raakt een drup
de houten schilder, oud als vlinders.

Flattr this!

gedicht over vergankelijkheid ontdekt werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Politiek

in een beetje vrije keuzeland
ligt het communisme gewoon op de schappen
in een grijze doos, maar met een prijs
waar je van opaan kunt.

het verschil tussen kritische schrijvers
in het communisme en in kapitalisme:

kritische schrijvers in het communisme willen niet ontdekt worden
kritische schrijvers in het kapitalisme willen dat juist wel

Flattr this!

Politiek werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Ivo de Wijs over de Kark

Ik vond dit gedicht van Ivo de Wijs over seks in de katholieke kerk. Om de lezer munitie te verschaffen in zijn ludieke polemiek tegen dit molmige instituut dat uitgehold wordt door seksschandalen, citeer ik dit geslaagde vers:

HEILIGHEID EN GEILIGHEID

Kneden van geslachtsorganen
Vindt men veel bij Franciscanen
Maar ook koster en kanunnik
Doen aan misdienaarsgefrunnik
En zelfs Paters Predikheren
Houden graag het kruis in ere
De Trappistencongregatie
Doet wat meer aan penetratie
Maar de echte ruwe flenzers
Zijn gewoonlijk Cisterciënzers

Er zijn meer en meer Jezuïeten
Die het doen met acolieten
En steeds minder Minderbroeders
Die het doen met jonge moeders
Uiteraard zien Kapucijnen
Ook graag jongetjes verschijnen
Want die zijn, net als pastores
Dol op partes posteriores
Ik vergeet nog de Karthuizers:
Pure aambeienvergruizers!

Al sinds eeuwen is de kerruk

Dol op kruis – en achterwerruk

Vroeger waren er zelfs pausen

Die geweldig konden rausen

Maar nu zijn het kardinalen

Die de jurk naar boven halen

Die met hitsige diakens

Vlekken maken in de lakens

En bisschoppelijke papen

Die hun hele koor ontknapen

Ach, het is al vaak beschreven
Niets kan zoveel vreugde geven
Als de Kerk van Gerard Reve
Boven alle lof verheven
Is het Rijke Roomsche leven

Flattr this!

Ivo de Wijs over de Kark werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Bundelen

Wanneer je twintig jaar lang gedichten schrijft zonder dat deze ooit het daglicht van de openbaarheid hebben gezien, raak je in de ban van de gedachte, dat ze dit nooit meer zullen kunnen verdragen. Wanneer je lang geleden al op regels kauwde tot ze in jouw ogen perfect waren, maar veel later op diezelfde regels terugblikt met ontgoocheling, ja zelfs walging, dan ligt de moedeloosheid op de loer.

Dit wilde ik als jonge dichter: voor mijn woorden genomen worden, mensen (lees: meiden) om me heen die de grond kussen met hun knieën, mensen die me ononderbroken Ruhm und Ehre naar mijn kop slingeren. Ik wilde m’n ziel in de taal coderen tot een soort zip-bestand, dat handzaam was en dan door de dames kon worden uitgelezen. Blind vertrouwde ik in dezen op het oordeelsvermogen van de anderen. En zo doorprik ik het na twintig jaar. Dat blinde vertrouwen was idolatrie, verafgoding. Ik wilde geen afgod of Dichtersprins zijn, gezeteld op een troon en geliefd en aanbeden door jonge vrouwen. Ik wilde omgekeerd de vrouwen kunnen verafgoden zonder het gevaar te lopen dat ik daarbij per abuis hun sluier oplicht en ze ontmasker als biologische soortgenoten, die het net als ik ook allemaal niet weten.

Het inzicht dat het oordeelsvermogen van de anderen niet onfeilbaar is, dat je je eigen oordeelsvermogen ook moet cultiveren

Dat is de groeispurt waar ik het hier over heb. Het inzicht dat het oordeelsvermogen van de anderen niet onfeilbaar is, dat je je eigen oordeelsvermogen ook moet cultiveren, dat het een prima facie waarde heeft.

En daarom wil ik eindelijk gedichten gaan bundelen. Sterker nog: daarom wil ik eindelijk een bundel gaan componeren. Het cultiveert, het eist een plaats op, het plaatst mijn eigen oordeelsvermogen in de wereld terug.

Ondertussen luister ik naar het vioolconcert van Philip Glass, uitgevoerd door Gidon Kremer.

Flattr this!

Bundelen werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org