Polshoogte

Over ruim een week begeef ik me met mijn dochter van vijf op glad ijs. Ze is hier in Zuid-Korea beschermd opgegroeid in een van de meest homogene samenlevingen ter wereld. Volgens de nu door het stof kruipende minister Stef Blok is hier bijna geen criminaliteit en gaan de mensen alom begripvol met elkaar om. Ze dragen dezelfde kleding, drinken hetzelfde bier, afwijkende seksuele oriëntaties bestaan niet en men weet precies wat men aan elkaar heeft. Het is de Blokse idylle, die qua ethnische zuiverheid alleen nog overtroffen wordt door de zorgvuldig bij elkaar gefokte Europese koningshuizen.

We gaan naar Nederland om polshoogte te nemen en de situatie in de polder in de zomer van 2018 op te tekenen. Om quasi-wetenschappelijk (dat betekent anekdotisch, maar dan met een flink aantal anekdotes) te onderzoeken of dat land leefbaar is voor mensen met een andere culturele achtergrond. De uitspraak van de minister was onhandig en dom, maar ik schrok vooral van de akelige echo door het sociale media-riool. Blok zou, in tegenstelling tot zijn voorganger datsja-Zijlstra, de waarheid hebben gesproken. De onbenul had het over Rassentheorie, verdomme.

Enfin, ik ga het land met een open geest bezoeken. Met de mensen in de provincie praten. Turven hoe vaak mijn dochtertje vanwege haar lieflijke, Aziatische oogopslag op ‘tsjing tsjeng tsjong sambal bij’ wordt getrakteerd. Kijken hoe andere kinderen op haar reageren. Informeren of instituten haar vrolijke nonchalante drietaligheid omdopen tot een milde taalachterstand, waarvoor ze dan ‘op cursus moet’. Ons laten voorlichten over het aantal bureaucraten met wie we ‘te maken krijgen’ als we het snode plan mochten opvatten, om zomaar in Nederland te komen wonen.

Polshoogte dus. Ik zie ons al over de polderweggetjes zoeven, frank en vrij, gelukszoekers met het juiste paspoort. Mensen die weliswaar geen woning ‘krijgen toegewezen’ van de staat, maar die hier tenminste mogen blijven. Mensen die ‘gewoon Nederlander’ zijn en net als Stef Bolk met mes en vork eten, met blote benen zwemmen en van hagelslag houden. Hoewel ik toch een beetje nerveus word omdat ik mijn schoenen uittrek voor het betreden van mijn woonkamer en in hurkzit op de toiletbril plaatsneem. Ik ben geïnfecteerd met een vreemde cultuur, en zou dus een belemmering kunnen vormen voor de Nederlandse samenleving, als ik de minister van buitenlandse zaken goed begrijp.

Of het wat gaat worden met Nederland? Of remigratie, het typisch Nederlandse gezanik over hoe zwaar dat is ten spijt, geluksbevorderend is? Of mij ooit de droombaan als columniste van de Gooi- en Smijtbode of een andere plaatselijke courant voor de voeten geworpen zal worden? We gaan het ontdekken. Als ik maar niet op inburgeringscursus moet, want ik weet niet hoe je Johan van Oldenbarneveldt spelt.

Flattr this!

Polshoogte werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Advertenties

Racisme

Een man zei in een talkshow: Ik zou graag een neger willen zijn.
Ik vind hun chocoladebruine huid zo mooi. Vervolgens
begon hij over donkere chocola te vertellen en dat hij
niet van wit hield.

De handen gingen voor de monden van de bleekgezichten
in de ronde.

De man meende het echt, zoals andere mensen Japanners
benijden om hun zwarte sprookjeshaar, of Daniel Craig
om zijn smaragdblauwe ogen.

Deze man kwam uit een toekomst die vrij was
van racisme

Racisme werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org

Hallo domme mensen

Columnisten. In plaats van de reflux van een groeiend erenlegioen van bezoldigde opiniemakers die onze meningen herkauwen kunnen we in casu racisme veel beter de prachtig geschreven teksten van een James Baldwin of een Martin Luther King herpubliceren.

Asha ten Broeke wond zich op over de columnisten die zich opwonden over Anousha Nzumes boek “Hallo witte mensen”. De terechte vaststelling van de grijze eminentie, de zuilen van Nederlandse opiniejournalistiek, dat het mens zélf in racistische bipolariteit denkt, wuifde ze weg met een paar slecht geformuleerde Gloria Wekker-achtige quotes.

Ze hebben het niet over wit privilege, maar tegelijkertijd proberen ze met elke zin vast te houden aan het privilege om het racismedebat op hun voorwaarden te voeren.

We lezen eerst een onschuldige zin:

Dat er systematische ongelijkheid bestaat en wit privilege waar wij [mensen met een witte huidskleur, red.] van profiteren, is genoegzaam bekend.

Ok, ik heb de statistieken ook gezien, niet alle Nederlanders denken lekker fris. Maar Asha vervolgt:

Dat witte mensen een demografische groep zijn die je als zodanig kunt aanspreken op onrecht: idem dito.

Pardon? Een ras aanspreken op onrecht? In welke eeuw leef je, Asha? Doe je ook aan schedelmeting? Dit kan dus echt niet en als dit de strekking is van Nzumes boek dan heeft Sylvain Ephimenco had volkomen gelijk om het als racistisch te bestempelen en Elma Drayer om het als het product van het ‘giffabriekje identiteitspolitiek’ te ontmaskeren.

Maar dit onderwerp is te belangrijk om met z’n allen in de gordijnen te springen, zoals Asha het uitdrukt. Anderzijds is de verkondiging dat een boek niet de scherpste rationele kritiek verdient die er mogelijk is, dat we het moeten ontzien vanwege biologische kenmerken van de auteur, een gotspe en tweedegraads censuur.

Ik wil daarom niet met ad hominems reageren (fuck GeenStijl) maar door middel van een parodie.


Hallo domme mensen,

Jullie zijn het niet gewend om als groep te worden aangesproken. Jullie weten niet hoe het is om een minderheid te zijn zoals wij, de slimme mensen. Het ontbreekt jullie vaak aan empathie, en dat is jullie niet eens te verwijten. Zo werkt het systeem nu eenmaal. Wat ik met mijn boek wil bereiken is dat jullie het gesprek aangaan met de slimme minderheid.

Jullie staan er niet vaak bij stil, maar jullie hebben een enorm privilege. Een dom privilege. Domme mensen krijgen volgens onze statistieken vaker een uitkering, ze worden op school minder vaak gepest, ze ondergaan vaak een eenvoudigere sollicitatieprocedure dan slimme mensen, ze hoeven minder vaak tegenover hun vrienden hun muzieksmaak te verantwoorden en ze zitten aanzienlijk vaker in praatprogramma’s.

Het discours van de domme mensen veronderstelt wat we op de UVA de moronic world view noemen: het wereldbeeld van de prototypische dertigjarige domme man. Met elke zin houden domme mensen vast aan het idee dat hun domheid de norm is en alle andere intelligentieniveaus de uitzondering. Daar is uitgebreid onderzoek naar gedaan.
Het domme privilege zit diepgeworteld, dus ik kan me voorstellen dat je dit als lezer niet ziet. Toch moeten we ons blijven inzetten voor meer dialoog tussen domme en slimme (‘intelligente’ mag je niet meer zeggen) mensen. Het geluk is met de dommen.


Niet te vergelijken? Zijn domme mensen geen reëel existerende groep die last heeft van reëel existerende discriminatie? Is huidskleur van een andere categorie dan intelligentie? Maar je kunt toch net zo weinig aan je intelligentie doen als aan je huidskleur? Of is de parodie wel zinvol, en zien we eindelijk in dat we witte mensen niet op onrecht kunnen aanspreken dat is begaan door andere witte mensen, en dat we ze er alleen zo toe kunnen dwingen om zich niet – van de domme te houden.

Hallo domme mensen werd oorspronkelijk gepubliceerd op komrijm.creativechoice.org